Eenmaal daags Janneke (jannekeleber) wrote,
Eenmaal daags Janneke
jannekeleber

HUILEN

Ik wist dat het heel moeilijk zou worden. Ik ging er ook al met een zwaar gevoel naar toe. En toen ik (natuurlijk weer eens) 15 minuten te vroeg aan kwam, durfde ik niet al aan te bellen en bleef ik in de auto zitten wachten. Toen ik om 19.30 dan toch op de bel drukte, zag ik haar bezig in de keuken. Ik dacht: 'gelukkig, ze heeft geen rode ogen.' Met zulke rare gedachtes begin je aan zoiets.

Ze deed open en was heel hartelijk. Mooi huis ook. En ik hou niet eens van nieuwbouw. Maar hier hing een hele speciale sfeer. Ze vroeg wat voor thee ik wilde en dochter van 11 zat te computeren. Ik vroeg of ze het erg vond als ik het gesprek op zou nemen. Nee, vond ze niet erg. En toen moest er toch een begin gemaakt worden. Ik zocht naar woorden. 'Kijk', ze. 'Hier hangt hij. Ik heb een hele fotocollage van hem gemaakt. Meteen de dag na de begrafenis. Eerder kon ik het niet. Raar is dat.' Hij keek ons 20 keer lachend aan.Ik wist toen al dat ik het niet zou redden zonder tranen.

We begonnen het interview. Ze was open en eerlijk en ze vertelde het allemaal heel helder. En ik herkende een deel: het deel van moeder zijn, van alles willen geven voor je kind, van de angst dat ze iets overkomt. Dat zoiets ze overkomt. En een ander deel herkende ik niet: de wereld van de dood, van een fotoboek waarin je hem ziet sterven, in zijn eigen bedje, met tekeningen erop van zijn zusjes. Van het opgebaard liggen in de huiskamer. De hele familie eromheen. 'Zijn zusje zei hier: nou ligt-ie in zijn schatkist mama. Dit boek kijk ik elke week nog wel eens keer door.'

Ik hield de tranen nog vrij lang tegen door keihard mijn nagels in mijn handpalmen te drukken. Ik doe dat ook bij de tandarts. Het helpt. Maar bij het gedeelte over het sterven zelf, lukt het niet meer en liet ik het gaan. 'Mijn man zei: ik ga even bij hem liggen. Hij hield hem vast en daar ging hij. En ik voelde: zo is het goed.' Ik huilde. Dochtertje van 11 stopte met computeren en keek naar me. Ik voelde me zo stom. En zij zei: sorry.Tijdens de rest van het gesprek zaten de nagels weer in de handpalmen. Zij huilde nog even toen ze vertelde over het gemis. 'Dan denk ik: verdomme, ik mis hem zo. Er is altijd dat gat. En het was zo'n mooi ventje.' Bij het uitlaten wees ze me op een tekening aan de muur die hij nog van zichzelf had gemaakt. 'Met een big smile. Zo was hij ook.' Ze kon er om lachen. Ik wenste haar sterkte en liep naar de auto.

Utrecht uitrijdend ging het nog wel, want ik verdwaalde natuurlijk weer. Maar eenmaal op de A27 kwam het heel hard omhoog. Verdriet. Om het leven. Ik huilde tot de afslag Blaricum en daar sloeg ik af. De weg voert daar langs het ziekenhuis, waar ik mijn ventje kreeg, 2,5 jaar geleden. Ik wierp een blik op het raam van de verloskamer en ik riep het uit: laat mij dit alsjeblieft nooit gebeuren.
Subscribe
  • Post a new comment

    Error

    default userpic

    Your IP address will be recorded 

    When you submit the form an invisible reCAPTCHA check will be performed.
    You must follow the Privacy Policy and Google Terms of use.
  • 1 comment