Eenmaal daags Janneke (jannekeleber) wrote,
Eenmaal daags Janneke
jannekeleber

DE PUZZEL GOD

Met vlagen speelt het in mijn leven.
Het ‘God-ding’.
Nu is er weer zo’n vlaag.

Oudgediende lezers weten het, ik ben van huis uit atheïst. Of beter gezegd: ik was anti-religie! Als de kerkklokken beierden in het dorp waar ik in opgroeide, kon ik me daaraan storen. Als ik ging sporten op zondag en scheef werd aangekeken door de dames van de zware kousenkerk, wierp ik ze een boze blik toe. En, heel erg, tijdens het ‘kerst-knutselen bij de buren’, heb ik een keer zogenaamd per ongeluk het hoofd van Jezus eraf geknipt. Van dat laatste heb ik oprecht spijt. Sorry Jezus.

Dus toen ik begon aan mijn opleiding in het mediumschap en het woord God viel, dacht ik: nee he… wat heeft die er nou mee te maken? Ik nam me heilig voor om dat stukje zoveel mogelijk buiten mijn ontwikkeling te laten.

Dat ging dus niet. Je kunt het niet hebben over de spirituele wereld, zonder het besef van de aanwezigheid van een Grote Spirit. Of over de goddelijke vonk in ieder mens, waarmee wij als mediums werken, zonder te begrijpen dat er een bron is van al die goddelijke vonken. Dus, daar zat ik dan, met mijn afkeer van religie en toch op zoek naar God.
Het goede nieuws was: ik was vrij om helemaal zelf een invulling te geven aan wat dat goddelijke dan was. Niemand vertelde me: zo moet je het zien. Nee, ik mocht het zelf uitzoeken en na enig verzet heb ik dat dan ook maar gedaan. Het werd een puzzel waar ik steeds weer wat stukjes van vind. Overigens in de wetenschap dat ik hem tijdens mijn aardse leven nooit af zal krijgen. Maar dat geeft niet.

Ik vind stukjes God op allerlei plekken, in ontmoetingen, in boeken, in de natuur, in mijn Makkelijke Moestuin. Ik vind hem momenteel in Marianne Williamson’s ‘Terugkeer naar Liefde’. Wat voor mij een beetje gaat over ‘God in de praktijk.’

Afgelopen weekend schreef ik in mijn dagboek. Ik stuitte op een vraag en voelde dat de ‘andere kant’ erop wilde reageren. Zo ontstond een geschreven dialoog. Mijn vraag ging over ‘greep houden op je eigen leven’ en in hoeverre dat de bedoeling is.

Het antwoord was zeer verrassend. Ik zag een podium met een acteur erop. Toen ik beter keek, zag ik dat die acteur een kostuum droeg dat ik zelf een keer gedragen heb tijdens een toneelstuk op de middelbare school. Ik keek naar de acteur en zag dat die volledig in zijn rol opging. Sterker nog: hij leek helemaal te vergeten dat hij een rol speelde. Hij vergat zelfs dat hij een acteur was! En dat hij een kostuum droeg! Op dat punt werd het beeld als het ware stilgezet.

Ik voelde dat er een vraag aan me gesteld werd: Wat was hier aan de hand?
Ik schreef dat ik verbaasd was. Je verwacht van een acteur dat hij zich zo goed mogelijk inleeft in zijn rol. Dat hij zijn rol zo geloofwaardig mogelijk brengt. Maar hier leek iets anders aan de hand. De acteur ging daarin te ver. Hij verloor zichzelf in zijn rol.
De andere kant vroeg wat ik daarvan vond.
Ik schreef: Ik heb er nooit zo bij stilgestaan, maar blijkbaar moeten we toch niet vergeten wie of wat we werkelijk zijn. Overtuiging in je rol of werk stoppen is prachtig, maar je moet je er niet helemaal mee vereenzelvigen.
Andere kant: wat nu te doen?
Ik: het zou goed zijn als hij zich weer even ‘wakker zou worden’. Zich zou realiseren dat hij de rol spéélt, maar de rol niet is… Eigenlijk zou hij zich weer even moeten wenden tot de regisseur.

Ah, daar was-ie weer: De Grote Regisseur.

Ik begreep de point van dit verhaal. Maar iets stak me: de rol.
‘We zijn hier toch niet om de tekst van iemand anders op te zeggen!’, schreef ik boos.
‘Zeker niet’, schreef de andere kant. ‘Het is een flexibel stuk en jullie mogen er invulling aan geven zoals jullie dat willen.’
‘Maar vanwaar de rol! Ik wil geen rol! Ik wil gewoon mezelf zijn!’
‘Is de acteur zichzelf niet als hij een rol speelt?’, was de tegenvraag. ‘Hij speelt de rol maar op een manier zoals alleen hij dat kan.’
Ik bleef verzet voelen.
Maar de andere kant bleef erin geloven.
En zoals altijd ‘wonnen’ zij.
‘De rol geeft juist mogelijkheden’, gingen ze door. ‘Je kunt er op zoveel manieren invulling aan geven. Waardig, plat, warm, woedend, met nadruk op emotie of juist heel onderkoeld. Hoe vaak zeggen acteurs niet dat ze leren door zich in hun nieuwe rol te verdiepen. Hoeveel ze daar wel niet van leren. Juist ook over zichzelf.’

Oke, daar kon ik me in vinden.
Leren over jezelf via je rol in dit leven.
Welke dat ook is.
En langzaam begon het me te dagen:
Het is belangrijk af en toe weer even luisteren
naar De Grote Regisseur
die ons als acteurs helemaal vrij laat.
Maar er ook altijd weer is
als we een beetje doorschieten
in onze rol.
Subscribe
  • Post a new comment

    Error

    default userpic

    Your IP address will be recorded 

    When you submit the form an invisible reCAPTCHA check will be performed.
    You must follow the Privacy Policy and Google Terms of use.
  • 1 comment