Eenmaal daags Janneke (jannekeleber) wrote,
Eenmaal daags Janneke
jannekeleber

DOZEN MET GAATJES...

We hadden er een avondje trance op zitten, met ons groepje.
En we praatten nog even na.
En toen zei een van ons het: “Weet je wat ik zo moeilijk vind: ik geloof het wel, maar ik begrijp het niet.”

Met ‘het’ doelde ze op ‘het spirituele’. Het onzichtbare. De andere wereld om ons heen die we niet met onze aardse zintuigen kunnen waarnemen.

En owwwww, wat herkende ik deze opmerking! En de bijbehorende worsteling. Want zeker als je ermee wilt gaan werken, als medium, healer, of in wat voor soort van samenwerking met die ongeziene wereld dan ook, dan is het lastig als je je realiseert dat je er eigenlijk, als je heel eerlijk bent, niks van snapt.

Hierin speelt onze schoolcarrière een rol. Al die jaren dat we nog in de klas zaten, werd ons verteld: je mag pas door als je alle stof beheerst. En dat begrepen we. En nu wil je dan aan de slag gaan zonder er een bal van te begrijpen? Logisch dat zo’n gedachte tot grote onzekerheid kan leiden.

“Misschien”, reageerde een van ons op de twijfels, “moet je loslaten dat je het kunt en moet begrijpen.”
“Precies”, zei iemand anders. “En als mensen zeggen dat ze het wel begrijpen, zou ik dat met een flinke korrel zout nemen.”
“Ja”, zei ik. “Ik werk nu 10 jaar en heel eerlijk: ik begrijp er nog niks van. Ik zie stukjes, maar nooit het geheel. En ik geloof ook niet dat dat kan, vanuit onze positie als mens. We zijn te beperkt. En ‘het’ is zo groot. We kunnen er hooguit over fantaseren.”

Kijk, soms krijgen we wel antwoorden op onze vragen die we stellen aan de andere wereld. Maar zelfs dan valt me altijd op dat dat antwoorden zijn in een soort Jip en Janneke-stijl. En dan voel ik: ze simplificeren het voor ons, want anders begrijpen we er niks van. Zo vroeg ik eens: ‘Hoe beperkt zijn wij als mens?’ Het antwoord dat ik kreeg was dat ik mezelf zag als een wezen in een doos. En die doos bleek, samen met andere dozen, te staan in een eindeloos grote, lichte ruimte. In mijn doos zat een kijkgaatje en daarmee kon ik iets zien van wat er om mij heen was. Maar ik zag steeds maar een stukje. Ik begreep dat het meeste dat je kunt doen is: meer gaatjes boren en praten met de andere dozen over wat zij zien. Maar ook: blijven beseffen dat je zicht beperkt is.

“Maar hoe doe je dat met je werk dan?”, vroeg de twijfelaarster.
Goeie vraag. Dat heb ik ook heel lang heel lastig gevonden.
“Ik heb gaandeweg ontdekt dat het het belangrijkste is dat ik ‘het’ het beste ‘door mij heen kan laten werken’”, zei ik. “En dan kunnen er hele bijzondere dingen gebeuren. Maar die komen dus niet van mij, maar van de andere wereld, via mij.”
“Daarom is het ook zo belangrijk dat wij nederig blijven”, zei een ander.
En zo is het.

Ineens herinnerde een ander groepslid zich weer de tekst die ze de afgelopen week had binnen gekregen na een meditatie:
‘Laat het begrijpen los.
En omarm het niet-weten.’
Prachtig.
Alsof ze aan de andere kant al wisten dat we het hier over zouden hebben.
Of nou ja, laat dat ‘alsof’ maar weg...
Subscribe
  • Post a new comment

    Error

    default userpic

    Your IP address will be recorded 

    When you submit the form an invisible reCAPTCHA check will be performed.
    You must follow the Privacy Policy and Google Terms of use.
  • 3 comments