Eenmaal daags Janneke (jannekeleber) wrote,
Eenmaal daags Janneke
jannekeleber

DE WEG NAAR NEE

“Vandaag was school niet zo leuk”, zei het patatje afgelopen week.
Ik schrok.
Het patatje vindt school altijd leuk.
Dus wat was er gebeurd?

Ik moest een beetje doorvragen, want het patatje vermijdt het liefst moeilijke onderwerpen, maar hij zag ook wel in dat hij a had gezegd en nu door moest naar b. Hij zuchtte.
“In de pauze willen alle kinderen op mijn long board”, zei hij uiteindelijk. “En ik kwam zelf helemaal niet meer aan de beurt.”
“O”, zei ik. “Maar dat is simpel op te lossen. Je moet gewoon ‘nee’ zeggen.”

En terwijl ik het zei, voelde ik al dat het niet klopte. Ja, wel van dat ‘nee’ zeggen, maar niet van dat dat simpel is. Hoeveel jaar heeft het mij niet gekost om dat een beetje goed te kunnen. Nee zeggen tegen mensen die geld wilden lenen, terwijl je al wist dat je het nooit terugkreeg. Nee, zeggen tegen mensen met wie je niet wilt omgaan, omdat je je er helemaal niet prettig bij voelde. Ik zei het niet, of draaide eromheen, uit angst om anderen teleur te stellen, wat ongeveer de hel is voor iemand met een pleasende instelling zoals ik.

Er bleek heel veel voor nodig te zijn om daar iets aan te veranderen. Een ziekte en een crisis, haptonomie (waarmee ik grenzen leerde aangeven), therapie (om inzicht te krijgen in wat ik zelf eigenlijk wilde) en – groot examen – uiteindelijk definitief ‘nee’ zeggen tegen de grootste grensoverschreidende factor in mijn leven, mijn moeder. Dat was een bepalend moment en sindsdien weet ik dat ik het kan. Maar om nou te zeggen dat ik het simpel vind...

Het grootste probleem voor het patatje bleek jongetje A.
“Als ik nee tegen hem zeg, dan wordt hij altijd zo boos en dat vind ik naar.”
Maar het verlangen om op zijn eigen long board kunnen rijden in de pauze, bleek toch net iets groter dan zijn angst. Niet heel veel groter, zo schatte ik in, het was kiele-kiele, maar hopelijk net groot genoeg.

Vrijdag bracht ik hem naar school. Op weg naar het plein ‘oefenden’ we nog even. Ik speelde jongetje A: “Mag ik op je long board?”
Het patatje, giechelend: “Nee.”
We namen afscheid bij het hek. Ik zag hoe hij zijn rugzak op zijn rug hees, op zijn board stapte en het plein op rolde. Ik wilde net weglopen, toen ik jongetje A. op hem af zag rennen.
Hij riep iets.
Het patatje probeerde hem te negeren.
Jongetje A. ging nu voor hem staan en zei weer iets.
Het patatje zei iets terug en rolde toen zo hard mogelijk weg.
Jongetje A. bleef een beetje verbaasd achter.

“Was het gelukt om ‘nee’ te zeggen?”, vroeg ik toen ik het patatje ’s middags ophaalde.
“Nou...”, zei het patatje. “Niet helemaal.”
“Wat heb je dan gezegd?”, vroeg ik.
“Misschien”, zei het patatje. “En toen reed ik hard weg. Eerst werkte het, maar later ging hij toch steeds weer zeuren.”

De weg naar ‘nee’ kan een lange zijn.
Maar ‘misschien’ is misschien een eerste stapje.
Subscribe
  • Post a new comment

    Error

    default userpic

    Your IP address will be recorded 

    When you submit the form an invisible reCAPTCHA check will be performed.
    You must follow the Privacy Policy and Google Terms of use.
  • 1 comment