Eenmaal daags Janneke (jannekeleber) wrote,
Eenmaal daags Janneke
jannekeleber

SNAP ER NIKS VAN

Het is een feest, maar ik voel me raar.
‘Waarom?’ vraag ik mezelf.
Ik kom er niet uit.

Ik ben in een drukkerij in Amersfoort.
Aan tafel zitten een drukker, een ontwerpster, R. en T. van Uitgeverij Dodo en ikzelf.
“Waarom dit boek?”, vraagt de drukker.
“Het is een missie”, antwoord ik. “Het mediumschap is een beroep met een zweverig en mysterieus imago en ik wil het graag uitleggen, demystificeren en ‘vernuchteren’.”
Dat wil ik ook echt. Daarom heb ik de afgelopen jaren bijna wekelijks een column over mijn werk geschreven. En nu heeft uitgeverij Dodo aangeboden om die columns te bundelen tot een boek. Het is bijna te mooi om waar te zijn. Misschien voel ik me daarom zo raar?

“We gaan een rondje maken door de drukkerij en boeken voelen om te zien wat je wilt”, stelt drukker WJ voor.
Mijn hart maakt een sprongetje. Ik ben dol op drukkerijen. De geur van inkt, het stampen van de machines, de mannen in overalls met de zwarte handen, de stoom die in de lucht wordt geblazen om de luchtvochtigheid op peil te houden, de pallets vol met bedrukte vellen.
WJ vertelt enthousiast en drukt me van alles in handen.
“Hoe voelt dit? Is dit een goed formaat? Wil je ruw papier of juist wat gladder. Wit papier of licht getint. Hardcover of soft. Binden of lijmen.”
Ik voel me net een prinses die alles mag bepalen.

Ik voel me ook een zwangere moeder die bezig is met de kinderkamer, maar die tegelijkertijd rouwt om haar pas gestorven kind. Het beeld van stapels verkoolde Bo & Brammetjes dringt zich hevig aan me op. Zorgt dat voor het vreemde gevoel?

Na de ronde door de drukkerij, volgt een gesprek aan de overkant bij de ontwerpstudio. We lopen erheen en ik stel vast dat ik nog steeds niet in orde ben. En daarover voel ik me dan weer schuldig, want dit is een feestelijk iets, dus ik zou me ook feestelijk moeten voelen.
We komen bij de studio binnen.
“Kijk, dit is ons uitzicht”, zegt ontwerpster A.
We kijken uit over een rivier.
“Het is de Eem”, zegt A.
‘De Eem!’, denk ik met een schok. En ik zeg het ook: “Jeetje, de Eem! Verderop lag vroeger onze boot. Ik heb altijd op deze rivier gevaren.” Ik kijk door het raam of ik een bocht kan zien die ik herken. En hoewel dat niet zo is, meen ik wel de loop van de rivier te herkennen. En ineens is mijn vader, die veel van deze rivier hield, heel dichtbij.

Dat vormt een soort van ommekeer. Tijdens het gesprek met A. over cover, titel en lettertypes zak ik weer terug in mezelf. ‘He he’, denk ik, ‘ik ben er weer.’

’s Middags probeer ik het thuis uit te leggen.
“Ik voelde me heel raar in de drukkerij, hoewel alles er goed was. Maar pas later, toen ik de Eem zag, kwam het weer in orde met me.”
De logica ontgaat me totaal.

Er komt een boek waarin ik het mediumschap hoop te demystificeren.
Maar van mezelf snap ik na 44 jaar soms nog helemaal niets.
Subscribe
  • Post a new comment

    Error

    default userpic

    Your IP address will be recorded 

    When you submit the form an invisible reCAPTCHA check will be performed.
    You must follow the Privacy Policy and Google Terms of use.
  • 0 comments